Welkom op onze DROOMCRUISE in de Indische Oceaan.
Na veel zoeken hebben we hebben besloten om in april 2011 een cruise te gaan maken op de Indische Oceaan. 28 dagen varen met de Costa Romantica, van Mauritius naar Italië.
We vertrokken 2 april om 15.15 van Schiphol naar Milaan Malpensa waar we om 16.55 aankwamen. Hier vertrokken we weer om 01.10 met Air Mauritius naar onze eindbestemming het eiland Mauritius in de Indische Oceaan, waar we om 14.00 plaatselijke tijd aankwamen. Op Mauritius krijgen we een transfer naar het cruiseschip de Costa Romantica.
Zaterdag 2 april 2011
’s Morgens om half negen stopt de taxi voor onze deur om ons naar het station van Heerlen te brengen waar we om 9.00 uur de trein naar Schiphol nemen. We zijn 1 uur te vroeg op Schiphol wat achteraf weer van pas komt bij het inchecken. We hebben nog geen tickets voor onze vlucht naar Milaan-Malpensa. Op Schiphol staan zuilen waar je je paspoort inschuift, je bestemming doorgeeft en waar de tickets dan geprint worden. Oké, dit is nieuw voor ons, maar ook hier lukt het allemaal. Nu door naar de incheckbalie. Hier worden we geholpen door een juffrouw die alle moeite voor ons doet. Anne wil graag meer beenruimte omdat ze vanwege een erfelijke stollingsafwijking, bang is om trombose te krijgen. Het reisbureau heeft de stoelen verdeeld op alfabet, hierdoor zitten we beide in het midden van 3 stoelen en 4 rijen uit elkaar. Omdat we al zo vroeg op Schiphol zijn en er nog niemand ingecheckt heeft, kan men ons naast elkaar zetten en Anne krijgt een ruime plek naast het gangpad. Dit is dus allemaal prima verlopen. Na een kijkje buiten en nog wat gegeten en gedronken te hebben, besluiten we om ons ook maar te gaan inchecken. In de vertrekhal komen we al mensen tegen die ook met de cruise meegaan. We vertrekken om 15.15 uur met de KLM naar Milaan-Malpensa waar we na 1 uur en 20 minuten vliegen landen. Nu de koffers weer bij de lopende band ophalen en samen met andere passagiers naar de balie van Air Mauritius om daar weer in te checken. Deze balie gaat echter pas om 22.10 uur open; dit wil dus zeggen dat we op het vliegveld nog 6.5 uur met onze koffers blijven. We zijn daarom maar bij de eerste beste plaats gaan zitten, dit is toevallig bij McDonalds, een plek waar we normaal gesproken nooit naar toe gaan. Een stel uit Groningen komen bij ons zitten en zo kunnen we de rest van de tijd gezellig babbelen. Om 22.00 uur gaan we naar de incheckbalie van Air Mauritius en daar kunnen we inmiddels inchecken voor de vlucht naar onze eindbestemming Mauritius in de Indische Oceaan.
Zondag 3 april 2011
Om 01.10 uur in de nacht vertrekken we van Milaan-Malpensa naar Mauritius. In het vliegtuig hebben we zo half geslapen en Anne is ongeveer om het uur eens door het gangpad gelopen om de doorbloeding in haar been maar zo goed mogelijk op gang te houden en het gevaar van trombose hierdoor af te wenden. Na een rustige vlucht komen we om 14.00 uur plaatselijke tijd aan op het warme Mauritius, het is hier 2 uur later dan in Nederland. We worden opgewacht door mensen van de Costa crew die ons naar een bus brengen. Hier gaat wat mis met andere passagiers waardoor we 45 minuten in de bus moeten wachten. Eindelijk vertrekken we naar ons cruiseschip. Gelukkig duurt de busreis niet zo lang, en komt het lang verwachte schip in zicht. Na de nodige papieren ingevuld te hebben, kunnen we ons eindelijk inschepen op de Costa Romantica. Het is 15.00 uur Nederlandse tijd dus we zijn 30,5 uur onderweg. Maar het heeft zich geloond, het is een mooi schip. We krijgen een Costa-kaart, dit is ons identiteitsbewijs maar ook betaalmiddel op het schip. De Costa-kaart moet gelinkt worden aan een creditkaart, of je moet alvast een bepaald bedrag als borg storten. Nu we alle formaliteiten achter de rug hebben, kunnen we eindelijk naar onze hut, nummer 4005. Het is een niet te grote maar wel een mooie hut op dek 4, met een patrijspoort boven het hoofdeind van het bed. Na het uitpakken van onze koffers krijgen we trek. Op dek 8 is een pizza hoek die nu open is en we eten een lekker stukje pizza en drinken een kopje cappuccino. We gaan na de pizza een frisse neus halen op dek 11. Op het voorste dek is een klein zwembad met veel ligstoelen en op het achterdek is nog een zwembad, 4 jacuzzi’s en weer veel ligstoelen. Op dit dek lopen we wat rond en genieten van het warme weer en het uitzicht over Port Louis. Ook gaan we nog even in het heerlijk warme water van een bubbelbad. Dan weer vlug naar onze kamer, omkleden en naar het restaurant want ze hebben ons ingedeeld bij de eerste eetgroep, die om 18.30 uur begint. We krijgen een tafel aangewezen met 6 andere Nederlanders. Het eten is a la carte. Je kan kiezen uit diverse gerechten van in totaal 6 gangen: koude voorgerechten, soep, pasta’s, hoofdgerechten, kaasplateau en nagerechten. We nemen een 4 gangen menu. Het eten is smakelijk en eigenlijk best exclusief. De porties zijn gelukkig niet te groot, anders kunnen ze ons na afloop van de reis de loopplank afrollen. Na het eten gaan we nog even buiten op dek 11 rond lopen en dan maar weer terug naar onze hut. We zijn om 23.00 uur, moe van de lange reis, gaan slapen.
Maandag 4 april
Het schip vertrekt vandaag om 18.00 uur en zet koers naar het eiland La Réunion. Het begin van onze
DROOMCRUISE
We zijn om 9.00 uur wakker geworden, lekker uitgeslapen. We gaan naar het restaurant op dek 10 om te ontbijten. Dit is een lopend buffet. Na een lekker ontbijt gaan we terug naar onze hut, nemen foto- en videocamera en gaan naar de uitgang op dek 3. Daar laten we onze Costa kaart scannen, zodat men weet dat we niet meer aan boord zijn. Tegenover het schip is een taxistandplaats, waar je voor 100 euro een hele dag een taxi kan huren. We vertellen de chauffeur welke plekken we graag willen zien. Dit wordt een rondrit over het zuiden van het eiland. De chauffeur brengt ons eerst naar een fabriekje waar houten modelbouw boten gemaakt worden. We komen in een werkruimte waar we worden opgewacht door een jongedame die ons vertelt hoe ze de houten schepen bouwen, dit is een erg tijdrovend werkje. Nu we hier alles gezien hebben, gaan we de winkel in waar bouwmodellen staan die klaar zijn. Er staan enkele leuke modellen tussen, maar na 5 minuten hebben we het wel gezien en gaan we terug naar onze taxi. We rijden door een leuk stukje natuur van het eiland Mauritius. Vooral de grillig gevormde bergen zijn opvallend. We zien dorpen, winkelcentra, bedrijven en woningen waar de Mauritianers wonen. We komen aan bij “Trou aux Cerfs” een vulkaan die al een hele tijd niet meer actief is. De binnenzijde van de krater is helemaal begroeid en onder in de krater is er nog een gat. Volgens de chauffeur is er alleen nog water in dit gat. De omgeving hier is mooi en we hebben een mooi zicht op de Rempart Mountains. De volgende stop is bij het heilige meer “Grand Bassin”, een meer in een vulkaankrater. Het is een bedevaartsoort van Hindoes. Volgens een oude legende is het meer ontstaan uit een druppel van de rivier de Ganges in India, die van de huid van de god Shiva is afgevallen, die van de schoonheid van het eiland gefascineerd was. Hier hebben we wel een uur rond het meer gelopen. Het is er prachtig en bijzonder sfeervol. Het is leuk om al die mensen te zien in hun mooiste, kleurrijke gewaden en die offers brengen aan hun goden en overledenen. Van hier uit gaat de reis verder naar een uitkijkpunt bij “Black River”, het diepste ravijn van Mauritius. Hier maken we enkele foto’s en rijden weer verder naar de watervallen van Chamarel en de 7-kleurige aarde. De 7-kleurige aarde is vulkanisch gesteente dat door chemische reactie van water met de metaalelementen verschillende kleuren heeft gekregen (rood, bruin, violet, groen, blauw, lila en geel). We gaan weer op weg naar het schip. Om 18.00 uur vertrekken we van het mooie eiland Mauritius en zetten koers naar La Reunion. Bij vertrek uit de haven wordt “Time to say goodbye” van Andrea Bocelli (in het Italiaans natuurlijk) gespeeld. De muziek geeft je werkelijk het gevoel afscheid te moeten nemen van dit prachtig eiland. Een emotioneel moment. Nu begint onze bootreis! We verheugen ons al op al het moois dat we nog gaan beleven. Het is een heel raar gevoel om op een schip te zijn dat voortdurend beweegt. Gelukkig hebben wij geen last van zeeziekte. We gaan ook vandaag op tijd naar bed. We worden in slaap gewiegd door het schommelen van de boot.
Dinsdag 5 april
Vandaag komen we om 06.30 uur aan in Le Port op het eiland La Reunion. La Reunion is een eiland in de Indische Oceaan en ligt ca. 420 km ten westen van Madagaskar en ca. 105 km ten oosten van Mauritius, ruim 700 km ten zuiden van de Seychellen. Het is een bergachtig eiland van vulkanische oorsprong. Het eiland heeft een tropisch karakter, daarom zal de temperatuur eigenlijk nooit hoger zijn dan 30 graden, maar door de hoge luchtvochtigheid lijkt het warmer. Wij zijn om 06.00 uur opgestaan omdat we een excursie hebben op dit eiland en we vertrekken om 07.30 uur. Met een bus vertrekken we van Le Port, langs de noordkust van het eiland, door de hoofdstad St. Denis. Onze reisleidster is een oudere, iets warrige Franse dame, die vroeger Duits lerares was en die al jaren in La Reunion woont. We stoppen in Saint Denis bij een Hindoestaanse tempel, Kali Kampal, in het stadscentrum, deze tempel is gewijd aan de godin Kali. We lopen hier wat rond om foto’s te maken. Altijd weer apart, die kleurrijke tempels boordevol met tientallen bonte beelden. We rijden verder op weg naar een vanilleplantage. In deze omgeving zijn veel suikerriet-, vanille- en litchiplantages. In St. Andre gaan we van de hoofdweg af en rijden het binnenland in naar een vanille-plantage. Op de plantage krijgen we uitleg over het kweken van de planten en het verder bereiden tot de geurige vanille die wij kennen. Na de uitleg mogen we proeven van enkele glaasjes rum met vanille, en kokosmelk, hetgeen heel goed smaakt. Dan verder langs mooie rotsen en berghellingen. We zien de hoogste berg van La Reunion, de Piton de Neiges. Het dal van Cirque de Salazie is gemakkelijk toegankelijk en zeer vruchtbaar. Dankzij het milde klimaat, de schoonheid van de natuur en de fantastische uitzichten is deze streek een gewilde toeristenattractie. Na het dorp Salazie zien we de watervallen van Voile de la Marie (bruidssluiers volgens een legende). Het heeft de afgelopen nacht geregend en daardoor zie je ongelooflijk veel watervallen. Ook nu valt er soms een buitje. Na het zien van die vele mooie watervallen rijden we verder de bergen in naar het Creoolse dorp Hell-Bourge. Hier hebben we een gezellige lunch. We zitten aan tafel bij enkele Zuidduitse gasten en de speciale rum zorgt voor veel plezier. We gaan weer terug naar St. Denis waar we stoppen bij een markt. Na deze pauze rijden we verder naar Le Port waar we weer inschepen.
’s Avonds hebben we een reddingsoefening waar iedereen aan mee moet doen. Tijdens het diner komt er een kelner vragen wie Madam Anne is, en of ze iets te vieren heeft. Anne vertelt wie ze is maar dat ze niets te vieren heeft, de hoofdkelner komt enkele minuten later weer terug en vraagt of Madam Anne echt niets te vieren heeft, als hij zo aandringt zeggen we dat er wel wat te vieren valt, 5 kelners en de hoofdkelner komen met een taart aanlopen waar 1 kaarsje op staat te branden en ze beginnen happy birthday te zingen. De hele tafel ligt in een deuk want Anne is helemaal niet jarig, maar dat geeft verder ook niet, iedereen aan onze tafel krijgt een stuk lekkere taart.
Woensdag 6 april
Tijdens de hele dag varen we in de wateren van de Indische Oceaan. We varen met een noordwest koers in richting Diego Suarez in Madagaskar, het op drie na grootste eiland ter wereld. De zee is tamelijk rustig maar het regent bijna de hele dag.
Deze dag gebruiken we om het hele schip eens goed te bekijken. Er is meer animatie op de zeedagen.
Er is ook een professor aan boord die regelmatig lezingen houdt over allerlei bestemmingen.
Het schip is een bijzonder luxe hotel. Twee maal per dag komt de steward de handdoeken verschonen en de bedden worden voor het slapengaan nog eens extra leuk opgemaakt.
Elke avond is er amusement in het theater en er zijn verschillende orkesten in de beide danszalen en en DJ in de disco.
Donderdag 7 april
We komen om ca. 07.00 uur aan in de haven van Diego Suarez. Dit is de belangrijkste en tevens grootste stad in het noorden van Madagascar. We hebben hier een excursie naar drie baaien. We worden opgehaald met 4×4 terreinwagens om de mooiste stranden in het noorden van Madagaskar te bezoeken. We rijden door de kleurrijke havenstad Diego Suarez. Men ziet hier echte armoede, straten die niet geasfalteerd zijn, krottenwijken, mensen met gehavende kleren. We hebben zo veel armoede nog nooit gezien. We rijden met de terreinwagens naar Ramena, een vissersdorp met een mooi strand en palmen. Inwoners hebben hun gezichten beschildert met allerlei bloemenmotieven. Elke stam heeft zijn eigen motieven. De vrouwen verkopen pareo’s en vanille, de kinderen hebben kameleons op een stok die men kan fotograferen voor € 1,00. Dan gaat het verder naar de indrukwekkende baai van Dunes. Via heuvelachtige zandwegen met veel begroeiing en diepe kuilen vol water- verder naar de indrukwekkende volgende baai de Duivenbaai. Een mooie baai met wit zandstrand. We krijgen hier de tijd om te zwemmen in de lauwwarme zee. Het is er heerlijk, maar nadat de duitse Gisela een kwal op haar arm heeft gekregen, is de pret er een beetje af en gaan we uit het water. De reis gaat verder naar de baai van Sakalava waar we een smakelijk middageten krijgen in een restaurant aan het strand. Dan gaan we weer terug naar Diego Suarez waar we onderweg stoppen om naar een aparte boom te kijken, de Baobab. Dit is een raar uitziende boom, volgens een legende heeft een god de boom uit de grond getrokken en omgedraaid weer terug geplaatst. De boom ziet er dan ook uit alsof de kruin de wortels zijn. We rijden langs een eilandje dat ze de suikerhoed noemen. We stoppen in Diego Suarez om te shoppen. Wij zijn op een terrasje gaan zitten en hebben iets gedronken, daarna terug naar de boot en om 18.00 uur vertrekken we naar het eiland Nosy-Be.
Vrijdag 8 april
Het schip gaat om 08.15 uur voor anker bij het eiland Nosy-Be. Nosy-Be bevindt zich aan de noord-west kant van Madagaskar. Vertaald betekent Nosy-Be groot eiland. Nosy-Be is een vulkaaneiland en ligt ca. 8 km voor de kust van Madagaskar in het kanaal van Mozambique. Nosy-Be is een van de belangrijkste toeristische trekpleisters van Madagaskar. Maar het eiland is ook bekend van de Ylang-Ylang plant, aangezien uit die plant de extracten komen die voor de parfumindustrie zeer belangrijk zijn, vandaar ook de naam “geurend eiland”. Op het eiland is geen haven waar we met onze boot kunnen aanleggen, daarom wordt er gebruik gemaakt van tenderbootjes (de reddingsboten van ons schip) die gasten heen en weer brengen. Nadat we met het tenderbootje zijn overgezet, komen we aan in het dorpje Lokobe. Van hier gaan we met busjes naar de binnenlanden. De stoelen in de busjes zijn niet breder dan 30 cm, dit is bij iedereen lachen, want niemand kan met 2 personen op 60 cm zitten en toch wordt het busje volgestopt. We rijden over onverharde wegen, door ylang-ylang plantages waarvan de bomen heel apart zijn opgebonden om het plukken van de sterk ruikende bloemen gemakkelijker te maken, naar het hart van het eiland tot de baai van Ambatozavavy. Hier wacht ons een nieuw vervoermiddel: de traditionele kano’s. Het begin doen we peddelend, daarna worden we met touwen achter een boot gebonden die een buitenboordmotor heeft. We bereiken het dorpje Ampasipohy, van waaruit we een wandeltocht door het regenwoud van Lokobe Natuurreservaat beginnen. We worden begeleid door inlandse gidsen die ons de weg wijzen en ons verschillende kameleons, boa’s, lemuren en kikkertjes laten zien. Daarna gaat het in omgekeerde volgorde weer terug naar Lokobe waar we met tenderbootjes weer terug op het schip worden gebracht. Om 14.00 uur lichten we het anker en nemen dan koers richting de Seychellen.
Zaterdag 9 april
De gehele dag varen we verder in de Indische Oceaan met een noordoost koers. De zee is nog altijd tamelijk rustig maar het heeft bijna de hele dag geregend, net als de vorige dag op zee.
Jammer eigenlijk, want nu we tijd hebben om wat in de zon te luieren, laat deze verstek gaan. De temperatuur is wel heerlijk. Tijd om te lezen en te puzzelen dus en uiteraard het reisverslag te beginnen.
Zondag 10 april
We varen nog steeds in noordoostelijke richting naar het eiland Mahé waar we om 13.00 uur aankomen. Port Victoria is de hoofdstad van het eiland en tegelijkertijd ook van de gehele Seychellen. Het ziet er regenachtig uit. We meren aan net voor een Nederlands marineschip, de H.M. de Tromp. We gaan eerst wat eten en daarna lopen we de stad in. Het weer begint te veranderen en de zon laat zich weer zien. Meteen bloedheet door de hoge luchtvochtigheid. We lopen naar de clocktower, langs het Natuurhistorisch Museum, Nationale bibliotheek, Nationaal Museum. Het is zondag en alle winkels zijn gesloten. We krijgen dorst na 3 uur wandelen onder een hete zon, toevallig dat we in een steegje een lokaal winkeltje zien dat open is en waar we een flesje water kunnen kopen. We lopen terug naar het schip want de temperatuur is niet te harden, veel te heet, dus gaan we lekker zwemmen in het zwembad op het schip.
Maandag 11 april
We worden om 09.30 uur opgehaald door een grote catamaran waar 300 personen in kunnen, die ons met een behoorlijke snelheid naar het 40 km verderop gelegen eiland Praslin brengt. Praslin is het 2e grootste eiland van de archipel. Na aankomst in de Baie St. Anne stappen we over in minivans om door te rijden naar de Valleé de Mai. Onder begeleiding van een gids beginnen we aan een wandeltocht van ca. 1,5 uur door een Unesco-wereldnatuurgebied. In dit woud zijn talrijke zeldzame en fascinerende plantensoorten te bewonderen, waaronder de Coco de Mer, de grootste kokosnoot ter wereld, het symbool van de Seychellen en het lievelingseten van de zwarte papegaai, een zeer zeldzame vogelsoort. Na de wandeling worden we met minivans naar de haven gebracht waar we overstappen op een andere boot die ons naar het eiland La Digue brengt. Op La Digue brengen ze ons met open vrachtautootjes naar een restaurant waar we gegrild vlees en vis kunnen eten, met salades en curry’s. Achter het restaurant is een mooi wit strand met mooie grote golven waar mensen aan het surfen zijn. Zwemmen is hier gevaarlijk omdat er een grote stroming is. Anne gaat wel even afkoelen in de zee, maar is zo terug als de golven de benen onder haar uit slaan. We gaan onder een palmboom zitten en genieten van de zon en het schitterende uitzicht. Na een tijdje rijden we met open vrachtautootjes verder naar Union Estate, een oude farm, waar een oud koloniaal huis staat. De gids vertelt dat in dat huis de film Goodbye Emanuelle gedraaid is. Ook laten ze ons zien hoe men vroeger de extracten uit de kokosnoten haalde, de zgn. Kopra en kokosnootolie. Ook zien we hier de reuzenschildpadden van de Seychellen. Daarna gaan we met de open vrachtautootjes naar het strand van Anse Source d’Argent, dat met zijn imponerende en schilderachtige granietblokken het mooiste strand van de Seychellen en één van de mooiste stranden van de wereld is. Op dit strand worden ontelbare fotoreportages en reclamespots gemaakt. We hebben hier in de zee gesnorkeld en leuke kleurrijke visjes bewonderd waaronder een gek beest, een zeekomkommer. De tijd vliegt om. Na het snorkelen lopen we terug naar het begin van het strand. We zijn 15 minuten te laat en ons vervoersmiddel en onze groep zijn al weg; gelukkig zijn er meerdere groepen van onze cruise, dus rijden we met een andere groep terug naar de haven waar we weer teruggaan naar Praslin, overstappen op de snelle boot die ons weer terugbrengt naar Mahé en ons schip.
Met recht noemt men de Seychellen een van de mooiste plekjes op onze aardbol! Jammer dat we niet meer tijd hebben. Hier hadden we wel veel langer willen blijven. Om 20.00 uur vetrekken we naar Salalah in Oman, waarbij we 4 dagen varen en 1690 zeemijl afleggen. Dit is ongeveer 3130 km.
Dinsdag 12 april
We varen verder met een noordelijke koers in de Indische Oceaan. ’s Middags rond 13.00 uur passeren we de evenaar. We verlaten het zuidelijk halfrond en bevinden ons dan weer op het noordelijk halfrond. De evenaar is een denkbeeldige lijn, die de aarde in 2 deelt. Het is één van de vijf parallelle lijnen. De andere zijn: Noordelijke Poolcirkel, Kreeftskeerkring, Steenbokskeerkring en de Zuidelijke Poolcirkel. In de avond krijgen we een “certificaat van de oversteek van de evenaar”. Het weer is prachtig. Nu kunnen we ons hart ophalen aan het zonnen en zwemmen aan boord.
Woensdag 13 april
We varen nog steeds in noordelijke richting op de Indische Oceaan. In de Indische Oceaan bevinden zich vele eilandjes. Sommige van die eilandjes zijn onafhankelijke staatjes, zoals Madagaskar, de Comoren, de Seychellen, de Maladiven, Mauritius en Sri Lanka. Indonesië ligt op de grens tussen Indische Oceaan en de Pacific en behoort daardoor bij de Pacific. De gemiddelde diepte in de Indische Oceaan is 3.890 meter. Het diepste punt, in de buurt van Java is 7.450 meter.
Vandaag hebben we de keuken kunnen bezichtigen. In de keuken werken 70 mensen die eten bereiden, 30 mensen die alles schoon houden en 40 kelners die de gasten bedienen. Het personeel komt voornamelijk uit Aziatische landen en die lusten het Europees voedsel niet, daarom is er een aparte keuken voor het personeel. De mensen in de keuken werken 11 uur per dag. Alles wordt vers bereid. Als voedsel overblijft wordt het weggegooid als het eenmaal de keuken verlaten heeft. Dit is gemiddeld 10% van het bereide voedsel. De eerste 2 dagen is dit iets meer omdat de kok moet leren inschatten wat de mensen eten.
Leuk om eens een kijkje achter de schermen te nemen. Het exclusieve eten aan boord smaakt nog beter, nu we weten met hoeveel zorg alles bereid wordt.
Donderdag 14 april
We varen nog steeds in noordelijke richting op de Indische Oceaan. De Indische Oceaan, de drie na grootste oceaan ter wereld, beslaat ca. 20% van het aardoppervlak. De Rode Zee, de Persische Golf, de Arabische Zee, de Golf van Bengalen, de Andamanenzee, Golf van Aden, Golf van Oman en de Straat van Mozambique behoren allen tot de Indische Oceaan.
Weer een dag met heerlijk weer om aan dek door te brengen.
Vrijdag 15 april
Nog een zeedag. Na de eerste dagen vol excursies is ook het uitrusten en luieren welkom.
Ook leuk dat we inmiddels al zo veel mensen hebben leren kennen tijdens de excursies en ook tijdens de maaltijden aan boord, want men let er altijd op -tijdens ontbijt en lunch- om mensen bij elkaar aan tafel te plaatsen die dezelfde taal spreken. Zo kom je overal op het schip weer mensen tegen waar je al eens eerder mee gepraat hebt. Gezellig!
Nog wat weetjes uit de dagelijkse boordkrant Today:
Grote oliereserves, ca. 40% van de wereldproductie, komende uit voornamelijk Saudi Arabië en Iran, en de mineralen uit het westelijke Australië worden over de Indische Oceaan vervoerd. De Indische Oceaan wordt zeer veel gebruikt door Zuidoost Azië en Oostelijke landen als vervoersweg voor petroleum. Petroleum komt voornamelijk uit Saudi Arabië, Indië en Iran.
Zaterdag 16 april
Om ca. 07.00 uur komt de loods aan boord, we zijn dan ongeveer 2 zeemijl van de haven Salalah verwijderd. Om 08.00 uur komen we aan in de haven van Salalah, de hoofdstad van de provincie Dhofar, in het zuiden van Oman. We worden om 08.15 uur opgehaald door bussen waarvan de chauffeurs lange witte jurken dragen. Voordat we aan land gaan krijgen we een zgn. “visitor pass”, die we de gehele tijd aan land, bij ons moeten hebben. Bij terugkeer op het schip moeten we deze “visitor pass” weer afgeven aan de autoriteiten van Oman. Bij verlies van deze pas moet je 5 US$ betalen. Onze paspoorten blijven bijna altijd aan boord. Douaneformaliteiten zoals visumstempels, worden door de Costa-bemanning geregeld. Wel is er iedere keer als we van boord gaan controle van de Costa-pas en als we weer aan boord komen douanecontrole, compleet met bagagescan.
We stappen in de aangegeven bus en rijden door het Omaanse landschap. Dit is een dor land, waar we regelmatig wilde dromedarissen tegen komen. We rijden hoog de bergen in en bezoeken ‘Nabi Ayoub’, de graftombe van de Bijbelse profeet Job, genoemd zowel in de Bijbel als in de Koran. Hier zien we ook een wierook boom. We rijden terug naar Salalah waar we stoppen om de Al-Husn-Basar te bezichtigen, waar wierook, textiel, goud en zilver te koop is. We lopen verder door het stadje en komen bij een poort die toegang geeft tot het Al-Husn-Paleis, de zomerresidentie van de Sultan Qaboos. We gaan door deze poort waar we in een laan komen; er zijn ingangen naar het paleis afgesloten door slagbomen. Hier maken we enkele foto’s, er komt iemand van de bewaking naar ons toe en vertelt dat we geen foto’s mogen maken. We lopen weer terug naar de bus die ons naar Mughsail brengt waar we de zgn. “blowholes” kunnen bekijken, dit zijn perforaties in de kalksteen rotsen waar het zeewater doorheen gutst bij vloed en waar dan water omhoog wordt gestuwd. Stelt op zich niet zo veel voor, maar de natuur is er schitterend. Na het bekijken van dit natuurfenomeen rijden we terug naar het schip waar we in de middag weer aankomen. Om 18.00 uur vertrekken we weer naar Safaga in Egypte.
Zondag 17 april
We varen in noordwestelijke richting door de Golf van Aden. De Golf van Aden ligt in de Indische Oceaan tussen Jemen en Somalië en staat in verbinding met de Rode Zee. De Golf van Aden is 320 km breed en ca. 900 km lang. Hier zijn ook vaak piraten. Eigenlijk in het hele gebied rondom Somalië. Daarom vaart men in het algemeen 600 zeemijlen er omheen. Daarom zijn er ook zo weinig schepen te zien geweest in het gebied waardoor we de laatste dagen gevaren hebben. Ons schip is echter relatief veilig omdat het de onderste 25 meter gesloten is. Pas op dek 7 zijn de eerste open dekken.
Bovendien staan er ook constant vrij veel bemanningsleden op de uitkijk, er zijn ook veel marineschepen met helikopters in deze omgeving, zoals bijv. de Tromp, die in Mahe lag, om de bemanning enkele dagen vrij te geven.
Maandag 18 april
We varen nog altijd in de Golf van Aden waar we om 14.00 uur de Straat van Bab El Mandeb bereiken en de Rode Zee in varen. Deze straat verbindt de Rode Zee met de Golf van Aden, het smalste gedeelte is slechts 30 km breed. Nu zien we ook weer andere schepen.
Dinsdag 19 april
We bevinden ons in de Rode Zee en varen met een noordelijke koers. De Rode Zee ligt tussen Afrika en het Arabische Schiereiland. De Rode Zee is door het Suez Kanaal verbonden met de Middellandse Zee. Door de Straat van Bab El Mandeb is de Rode Zee verbonden met de Indische Oceaan. In de buurt van het schiereiland Sinaï wordt de Rode Zee gedeeld in de Golf van Aqaba in het oosten en de Golf van Suez in het westen. De Rode zee is heden ten dage vooral van betekenis voor de handel. Als verbinding tussen de Indische Oceaan en de Middellandse Zee geeft het vrachtschepen de mogelijkheid om de lange omweg om Afrika te mijden om zo op een veel snellere manier de doelhaven te bereiken. Vanwege zijn rijkdom aan vis en het heerlijke klimaat bevinden zich ook vele toeristengebieden langs de Rode Zee, zoals bijv. Sharm el-Sheikh, Hurghada, Marsa Alam, Berenice en Aqaba.
Woensdag 20 april
Hele dag op zee. We hebben de komende dagen heerlijk de tijd om na te genieten van alle indrukken die we de afgelopen dagen hebben opgedaan. Weer een zeedag met heerlijk warm weer.



